Blijkbaar kan hij het dus gewoon zelf

Na mijn vorige blog over het officiële geluid van een schoolochtend (“Mam, waar is mijn…?”) had ik me voorgenomen dat we het anders gingen doen.
Meer zelfstandigheid.
Zelf zoeken.
Zelf onthouden.
Zelf verantwoordelijk.
Klinkt prachtig.
Ik gaf het ongeveer drie dagen.
Blijkbaar onderschatte ik vooral één ding:
Limited Edition zelf.

“Je mag wel eerder naar je werk hoor”

Het begon eigenlijk heel terloops.
Zo’n opmerking waarvan je denkt:
Ja ja.
We zullen zien.
Limited Edition zei:
“Oh, maar jij mag wel gewoon eerder naar je werk vertrekken hoor, dan hoef je niet zo te haasten. Ik kan me ’s ochtends wel alleen redden. Ik ben al bijna tien.”
Bijna tien.
Dat is blijkbaar tegenwoordig de leeftijd waarop je volledig zelfstandig een huishouden kunt draaien.
Prima.
Laat maar zien dan.
Ik ben de beroerdste niet.
Dus ik zette zijn wekker voor de hele week om zeven uur.
Niet één dag.
Nee.
Meteen de hele week.
Wetenschappelijk onderzoek vereist tenslotte meerdere meetmomenten.

Dag één

De eerste ochtend kwam ik om kwart over zeven beneden.
Ik verwachtte eerlijk gezegd niet zoveel.
Misschien een kind onder een dekentje op de bank.
Misschien één kerstsok aan.
Misschien nog helemaal niemand beneden.
Maar nee.

Meneer zat daar.
Aangekleed.
Schoenen aan.
Klaar.
Zijn tas stond in de keuken.
Ingepakt.
En omdat het regende had hij ook nog netjes de regenhoes om zijn tas gedaan.
Ik keek naar hem.
Ik keek naar de tas.
Weer naar hem.
Wat gebeurt hier?

Dit is hetzelfde kind waarvoor ik normaal gesproken dingen kan aanwijzen die zich op ongeveer dertig centimeter afstand bevinden.
En ineens runt hij zijn eigen ochtendroutine alsof het de normaalste zaak van de wereld is.

Ik had ineens tijd over

Ik maakte zijn ontbijt.
En toen gebeurde er iets heel vreemds.
Ik had tijd.
’s Ochtends.
Vóór school.
Tijd.
Ik wist eerlijk gezegd niet zo goed wat ik ermee moest.

Normaal gesproken bestaat het laatste halfuur uit dingen als:
“Heb je je tanden gepoetst?”
“Waar is je tas?”
“Doe je schoenen aan.”
“Je moet echt gaan.”
“Waar is je jas?”
“Waarom heb je je schoenen nou weer uit?”
Maar nu?
Niets.
Hij zat klaar.
Alles stond klaar.
Ik stond daar eigenlijk een beetje overbodig moeder te wezen.

“Je mag wel weggaan hoor”

En toen zei hij ook nog:
“Je mag wel weggaan hoor. Ik ga zelf wel naar school.”
Pardon?

Even voor de duidelijkheid:
Dit was niet míjn idee.
Dit kwam uit hemzelf.

Mijn bijna-tienjarige stond mij daadwerkelijk toestemming te geven om naar mijn werk te vertrekken.
Nou goed dan.
Ik zette een timer op zijn telefoon, zodat hij wist wanneer hij weg moest.
Heel verstandig.
Heel verantwoord.
En ik vertrok.
Niet helemaal zonder twijfel natuurlijk.
Ik ben nog steeds zijn moeder.
Dus ergens onderweg heb je toch die gedachte:
Zit hij straks om kwart voor negen nog rustig op de bank?
Is die timer überhaupt afgegaan?
Is hij zijn tas vergeten?
Heeft hij besloten dat vandaag eigenlijk een vrije dag is?

Big Brother kijkt mee

Om 08.10 uur keek ik even op de camera.
Niet omdat ik hem niet vertrouwde.
Uiteraard niet.
Gewoon… kwaliteitscontrole.
En ja hoor.
Daar ging hij.
Netjes op tijd de deur uit.
Tas mee.
Schoenen aan.
Kind compleet.
Ik was bijna teleurgesteld dat er helemaal niets misging.

Bijna.

En toen deed hij het nóg een keer

De volgende dag?
Hetzelfde.
De dag daarna?
Ook.
En inmiddels gaat dit dus al de hele week goed.
Hij staat zelf op.
Kleedt zich aan.
Maakt zijn tas klaar.
Let op de tijd.
En vertrekt zelf naar school.
Zonder dat ik iedere drie minuten door het huis hoef te roepen wat hij nog moet doen.
Ik weet niet precies wanneer dit gebeurd is.
Maar blijkbaar is mijn kind ineens een stukje groter geworden.
Stiekem vind ik dat best bijzonder.

Er zijn natuurlijk grenzen aan de volwassenheid

Voordat we nu allemaal denken dat ik hier een volledig zelfstandig functionerend mens heb rondlopen:
Rustig maar.
Ik ontdekte namelijk ook dat meneer zijn nieuwe vrijheid gebruikt om zijn eigen keuzes te maken.
Heel volwassen.
Zo gaat er netjes fruit en brood mee naar school.
En blijkbaar ook een muffin en overgebleven poffertjes van de dag ervoor.
Want als moeder niet meer naast je staat om te controleren wat er precies in die tas verdwijnt, ontstaan er mogelijkheden.

Weet je wat?
Ik laat hem.
Hij staat zelf op.
Hij kleedt zichzelf aan.
Hij pakt zijn spullen.
Hij vertrekt op tijd.
Als de prijs voor deze zelfstandigheid één clandestiene muffin is of een paar poffertjes, dan vind ik dat eigenlijk een uitstekende deal.

 

Bijna tien

Hij zei het zelf:
“Ik ben al bijna tien.”
En blijkbaar bedoelde hij dat serieuzer dan ik dacht.
Misschien zijn we als ouders soms zo gewend om dingen vóór onze kinderen te doen, dat we niet altijd doorhebben wanneer ze het inmiddels prima zelf kunnen.
Of misschien vond hij het gewoon ontzettend irritant dat ik ’s ochtends steeds vroeg of hij zijn schoenen al aan had.
Kan ook.

Hoe dan ook:
Ik vertrek tegenwoordig iets eerder naar mijn werk.
Limited Edition regelt zichzelf.
En iedere ochtend dat ik hem om 08.10 uur netjes de deur uit zie gaan, ben ik stiekem een beetje heel erg trots.
Heel even maar.
Want ik wil natuurlijk niet dat hij naast die muffin straks ook nog naast zijn schoenen gaat lopen.
Mét kerstsokken.
Dat dan weer wel.

0 0 stemmen
Artikel waardering
Abonneer
Laat het weten als er
guest

0 Reacties
Oudste
Nieuwste Meest gestemd
Scroll naar boven